In de ochtend bij het ontbijt kijken we elkaar met bier-oogjes aan: nu gaat het gebeuren.

Tom en ik zijn 4 weken geleden bij een hele leuke Radical SR3 (niet geraden dan?) wezen kijken. De auto is niet zo nieuw, maar er zaten voor heel, heel veel Engelse ponden aan rekeningen bij, voor zowel ververste en nieuwe delen op de auto, als voor reserve-onderdelen. De auto is gebruikt voor trackdays, en de eigenaar (Dave) wilde bijvoorbeeld in Spa niet in de situatie komen dat hij al die afstand had afgelegd, om dat na 5 minuten tot de ontdekking te komen dat de aandrijving  kapot was: dus zitten er een reserve-motor, diff, aandrijfassen, etc. bij. De auto zelf is helemaal uit elkaar geweest, het chassis is opnieuw ge-poedercoat, alle bussen etc. zijn vernieuwd, stuurhuis, remmen opgewaardeerd naar SR8 spec, evenals de aero – die is hi-downforce. De motor is een “wat vermoeide” Hayabusa, nou ja, hij is een paar uur oude 1300cc. Dave heeft twee zonen, en na wat jaren gebruik van de Radical voor sponsor-rijden, hebben ze nu een kart of 10 aangeschaft, en rijden ze wedstrijden, en arrive-and-drive. De auto is lichtblauw, en heeft een aantal uitlaatsystemen (98 db, 103 db, en 112 db) maar we zullen er nog een moeten maken dat stil genoeg is voor Zolder op stille dagen – of dan maar gewoon op donderdag rijden, of op Spa.

Dave onthaalt ons op zijn Engelse koffie.  We praten door alles heen wat hij van de auto weet: van opwarmen en starten (pas rijden wanneer de olie zo warm is dat de oliedruk in het normale gebied gaat) tot het uit elkaar halen van de body. Hij heeft het allemaal gedaan. We luisteren belangstellend toe (en noteren alles), en dan willen we eigenlijk –van ongeduld – gewoon naar buiten lopen. Dave begrijpt het wel, en gaat met ons mee.

OMG – daar staat de auto al op de trailer, ingebed tussen een Porsche 996 GT2 (had te weinig pks volgens Dave, nu redelijk wat – 608!), een een stuk of 8 race-karts (nieuwe hobbie van zijn zonen) met behoorlijk wat ‘battle’scars’. Ach, wat is het toch leuk om met race-enthousiasten te praten…

Maar de SR3 is veel leuker. Bart had hem nog niet gezien, en kijkt zijn ogen uit: er komen geluiden uit hem, en ik denk “vet, vet, vet” op te vangen. Zelf zijn we ook van de wereld af – daarin rijden? Sh*t! Dave is ook van de wereld: hij beseft nu dat hij niet lang meer de eigenaar zal zijn van dit monster. We starten de motor nog een keer: Bart krijgt spontaan een “whoa, whoa” aanval. Tom en ik beginnen te grijnzen. Diesels? Waarom kunnen die LMP2 Porsches Le Mans niet gewoon winnen, zijn we gelijk van die diesels af…maar goed: de SR3, een blauwe – een kleur die niet van de foto’s afspat, er toch mooier in het echt uitziet, lijkt het – staat stoer te glimmen in de zon. Dave heeft alle onderdelen – van oliefilters, octaanverhogers tot een heel nieuw diff en een reservemotor, netjes in dozen verpakt. We pakken de bestelbus vol, en haken de trailer erachter – goed teken: de verlichting werkt gelijk…

We laten Dave stil achter – er zit emotie in de auto, en dat zie ik graag: wij vonden het ook moeilijk om de 944 te laten gaan: je hebt er veel mee meegemaakt, en in de ontwikkeling gaat ook veel tijd en emotie zitten.

Na zo’n 90 kilometer zetten we de combinatie stil op een parkeerplaats – we willen genieten, details bekijken. Er komen spontaan mensen langs om te informeren wat dat voor een auto is, ze komen niet zo vaak in het verkeer voor, worden meestal in een vrachtwagen vervoerd. Enthousiasme alom. Een korte treinrit brengt ons weer op het vasteland, de rit naar de garage is niet spannend (wel lang), maar wordt korter gemaakt door onze verbazing over de reacties op de snelweg – er rijden mensen langs met duimen in de lucht, sommigen veroorzaken een file doordat ze lang naast de auto blijven rijden om te kijken wat het is.

En dan zijn we er er – Emiel wacht ons op. Hij wist weliswaar niet van de auto, maar kon het toch wel raden waarom we hem vroegen naar de garage te komen…meer ongeduide kreten zijn het gevolg.

We laden de auto af (wat is dat ding LICHT!), en zetten hem in de garage naast de BMW. Bart en Tom sleuren gelijk de achterkant eraf om een aantal zaken te bekijken: de techniek is heel mooi, de ophanging (twee triangel-draagarmen) een studie waard. Voorlopig is dit het wel. We willen op donderdag naar Zolder, maar het blijkt dat er veel regen verwacht wordt, dus we besluiten om even te wachten met de maiden-outing.

Het is middernacht op tweede Pinksterdag. Peugeot heeft de dieselklasse (LMP1) op Spa gewonnen, voor een Audi. De LMP2 categorie heeft een overwinning opgeleverd voor de all-Dutch Porsche Spyder, en is gevolgd door twee andere Porsches. We dragen aan het milieu bij door een race-auto aan te schaffen met een 1300cc motor. Maar vraag ons niet om er helemaal mee te stoppen, en in plaats van rijden met zo’n brok techniek, een racegame aan te schaffen. Het is toch wel duidelijk: een “benzine-hoofd” (vrij vertaald J)  voelt pure emotie bij atomen…

Tijd om vermoeid te gaan slapen – om 06.30 op om de bestelbus terug te brengen. Een heel andere emotie…